Slapend dienstverband beëindigen: waar moet je rekening mee houden?

Wat zijn jouw verplichtingen als werkgever bij de beëindiging van een slapend dienstverband? Mag je dit weigeren? En ben je verplicht de transitievergoeding te betalen? Je leest hier hoe je goed werkgeverschap uitoefent als het aankomt op het beëindigen van een slapend dienstverband.

Werkgever binnen de technische installatiebranche beëindigt een slapend dienstverband

Moet je meewerken aan het beëindigen van een slapend dienstverband?

Ja, als werkgever moet je meewerken aan het beëindigen van een slapend dienstverband. De Hoge Raad heeft zich in november 2019 hierover uitgesproken en bepaald dat de werkgever moet meewerken als de medewerker hem vraagt het dienstverband te beëindigen. In dat geval moet de transitievergoeding worden betaald.

Moet je zelf het initiatief nemen om een slapend dienstverband te beëindigen?

Er is geen sprake van ontslagplicht, in de zin dat de werkgever zelf het initiatief moet nemen om een slapend dienstverband te beëindiging na het bereiken van het einde van de 104-wekentermijn bij ziekte. De Hoge Raad gaf echter al aan dat de werkgever gehoor moet geven aan een verzoek van de medewerker om te komen tot een beëindiging. 

Kun je het beëindigen van een slapend dienstverband weigeren?

Wanneer een medewerker de werkgever vraagt om een slapend dienstverband te beëindigingen, dan kun je dit verzoek niet weigeren. Dit is op 9 januari 2020 door Het Gerechtshof in Den Bosch bepaald. Volgens het gerechtshof is het niet meewerken aan het verzoek van een medewerker om een slapend dienstverband te beëindigen in strijd is met het goed werkgeverschap. 

Wat zijn de gevolgen van het weigeren tot beëindiging?

Niet mee te werken aan de beëindiging komt neer op tekortschieten in je werkgeversverplichtingen op grond van de arbeidsovereenkomst. Door het weigeren tot beëindigen van een slapend dienstverband leidt de medewerker schade. De medewerker ontvangt zo namelijk niet de wettelijke transitievergoeding. Die schade moet de werkgever volgens het Gerechtshof compenseren in de vorm van een schadevergoeding. Deze is gelijk aan de wettelijke transitievergoeding. De werkgever moet naast de schadevergoeding ook nog wettelijke rente en proceskosten betalen.

Wat als de pensioengerechtigde leeftijd is bereikt na de weigering?

De werkgever moet de transitievergoeding betalen, ook al is de pensioengerechtigde leeftijd bereikt na de weigering, maar vóór de uitspraak van het Hof. Deze uitspraak sluit aan bij de uitspraak van de Hoge Raad. Normaliter is bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst bij of na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd geen transitievergoeding verschuldigd. Het Gerechtshof vindt nu echter dat in dit geval toch een bedrag moet worden betaald aan de medewerker. De plicht om mee te werken aan de beëindiging bestond immers al vóór de AOW-gerechtigde leeftijd.

Kan je de transitievergoeding vergoed krijgen door het UWV?

Als werkgever kan je de transitievergoeding geheel of gedeeltelijk vergoed krijgen door het UWV, mits je aan de voorwaarden voldoet. Vanaf april 2020 is het mogelijk om hier een aanvraag voor te doen bij het UWV. Het Gerechtshof doet hier zelf geen uitspraak over. Het is uiteindelijk aan het UWV om hierover te beslissen.

Kortom, als werkgever ontkom je er niet aan om mee te werken aan een verzoek tot het beëindigen van een slapend dienstverband. Je bent hierbij verplicht tot betaling van de transitievergoeding. Door het niet op een procedure te laten aankomen, kunnen in ieder geval bijkomende kosten worden vermeden, zoals juridische kosten, wettelijke rente en proceskosten.

Bron: https://www.awvn.nl/